Dit is een miniatuur uit een Brabantse kroniek uit de 13de eeuw (Koninklijke Bibliotheek van Brussel).

Linksonder staat geschreven: Dit is den strijt van Woeronck.

 

Walram IV (1246-1280), hertog van Limburg werd in 1280 opgevolgd door zijn dochter Irmengard. In juni 1283, toen hertogin Irmengard kinderloos stierf barstte er een strijd los tussen de opvolgers. Haar echtgenoot, Reinoud I van Gelre (1271-1326) bekwam het vruchtgebruik van het Hertogdom Limburg.

Adolf van Berg, de naaste erfgenaam van Irmengard was niet opgewassen tegen Reinoud van Gelre en besloot daarom in september 1283 zijn rechten aan Jan I hertog van Brabant te verkopen voor 14.000 mark in zilver.

Reinoud op zijn beurt zocht toen steun bij de aartsbisschop Siegfried van Westerburg en bij Hendrik VI van Luxemburg.

Toen Jan I op 5 juni 1288 de burcht van Woeringen belegerde met een leger bestaande uit 1500 ruiters, viel de aartsbisschop hem aan met een leger dat eveneens bestond uit 1500 ruiters. De strijd duurde 8 uur en met de hulp van de opstandige Keulenaars werd het leger van de aartsbisschop vernietigd.

In deze veldslag sneuvelden 600 Brabantse ridders en ongeveer duizend ridders van aartsbisschop Siegfried.

 

De slag van Woeringen (5 juni 1288)

De Brabantse vlag na de slag van Woeringen, een samenvoeging van de Brabantse gouden leeuw op zwart en de Limburgse rode leeuw op zilver.